Antibacteriële profylaxis

Indicaties en opmerkingen

Profylaxis

Antibacteriële profylaxis is het gebruik van antibacteriële middelen ter preventie van het optreden van infecties. Het profylactisch gebruik van antibiotica is controversieel. Een juiste profylaxis verlaagt het risico op morbiditeit en mortaliteit en vermindert daarenboven het totale antibioticumgebruik omdat er niet langer nood is aan lange curatieve antibioticumkuren. Onjuist gebruik van antibiotica heeft echter verstrekkende gevolgen, aangezien het kan leiden tot een toenemende prevalentie van antibioticaresistentie. Antibiotica kunnen bovendien de residentiële microbiota van de patiënt veranderen en infectie door resistente kiemen bevorderen. Onjuiste toediening met betrekking tot dosering of productkeuze en slecht getimede of te lange behandeling kunnen daarenboven de microbiota beïnvloeden zonder extra bescherming te bieden.

Alle chirurgische ingrepen resulteren in enige mate van bacteriële contaminatie. Dit is op zich geen reden voor het perioperatief toepassen van antibiotica. Bij een geringe mate van contaminatie, weinig virulente bacteriën, een gezonde wondomgeving en een goed functionerend immuunsysteem krijgen de bacteriën geen kans om zich te vermeerderen en is antibioticumtoepassing niet nodig. Alleen bij verhoogd risico wordt perioperatieve antibioticumprofylaxis als zinvol beschouwd. Zo is het niet aangewezen antibiotica toe te dienen bij routine castratie of ongecompliceerde chirurgische ingrepen. Profylaxis is namelijk nooit een vervangmiddel voor correcte aseptische en atraumatische chirurgie.

Aanbevelingen voor een profylactisch antibioticumgebruik zijn gebaseerd op het classificatiesysteem van de waarschijnlijke graad en bron van bacteriële contaminatie bij chirurgische ingrepen. Verder zijn ook de mogelijkheid om het aantal kiemen te minimaliseren, de duur van de anaesthesie en operatie, de mate van weefselschade en de immuunstatus van de patiënt belangrijke factoren voor een verantwoord profylactisch antibioticumgebruik.

De initiële toediening vindt plaats vóór de operatie en bij langdurige ingrepen kan de toediening herhaald worden. Extra toediening van profylactische antibiotica na een voltooide chirurgie heeft geen waarde meer voor preventie van infectie. Zuivere profylaxis dient daarom stopgezet te worden na het sluiten van de chirurgische wonde of ten laatste binnen de 24u. Enkel indien er duidelijk een inbreuk is geweest op de aseptische chirurgische techniek, kan er antibioticum toegediend worden na chirurgie.

Antibiotica blijven altijd ondergeschikt aan aseptische technieken en correcte handelingen. Consequent gebruik van handhygiëne, handdesinfectie en het gebruik van handschoenen is ook in de diergeneeskunde erg belangrijk in de preventie van infecties.

Classificatie van chirurgische wonden (Porters et al., 2009):

Schoon

  • Electieve chirurgie
  • Geen inbreuk op de asepsis
  • Atraumatisch, geen inflammatie, lage infectieratio
  • -->Profylaxis is niet geindiceerd

Schoon-gecontamineerd

  • Minimale breuk op de aseptische techniek
  • Gastro-intestinale, urogenitale of respiratoire tractus geopend zonder lekkage
  • Contact met een niet-geïnfecteerde urogenitale, respiratoire of biliaire tractus
  • Wonde met een drain
  • -->Overvloedig spoelen van abdomen. Antibioticum aangewezen.

Gecontamineerd

  • Grote inbreuk op de aseptische techniek
  • Grote lekkage uit de gastro-intestinale tractus
  • Ingreep in een geïnfecteerde urogenitale, respiratoire of biliaire tractus
  • Traumatische, recente wonde (<4 uur na trauma)
  • -->Antibioticum aangewezen, gebaseerd op meest waarschijnlijke contaminanten. Antibioticumkeuze aan te passen na cultuur met gevoeligheidstest.

Vuil

  • Acute bacteriële inflammatie aanwezig
  • Traumatische wonde of ingrepen met purulente uitvloeiing, necrotisch weefsel, vreemde voorwerpen, fecale contaminatie of een uitgestelde behandeling (>4 uur na trauma)
  • -->Therapie peroperatief is geindiceerd. Staalname voor meest geschikt antibioticum na operatie.

De keuze van het antibioticum bij profylactisch gebruik dient gebaseerd te zijn op de lokalisatie van de ingreep en de meest waarschijnlijke oorzakelijke kiem. Na staalname en gevoeligheidstest (bij gecontamineerde en vuile wonden) kan de keuze bevestigd of gewijzigd worden.

Er zijn geen antibiotica voor profylaxis vergund. Het toepassen van het cascadesysteem kan aangewezen zijn. Profylaxis dient niet te gebeuren met ‘derde keuze middelen’.

Keuze van het antibioticum/chemotherapeuticum. (Klik op de naam om de bijsluiter te raadplegen)

Eerste keuze(s)
/
Tweede keuze(s)
/
Derde keuze(s)
/

+ Aanvullingen

Hospitalisatie-gerelateerde infecties

Hospitalisatie-gerelateerde (nosocomiale) infecties zijn vermoedelijk ondergerapporteerd in de diergeneeskunde. De kiemen zijn afkomstig van externe bronnen (iatrogene behandeling in context van hospitalisatie) van interne microbiota.

De meerderheid van de nosocomiale infecties is te voorkomen door goede maatregelen op niveau van infectiecontrole. De blootstelling aan kiemen is doeltreffend te verlagen door frequent en degelijk reinigen, desinfecteren, hygiëne en isolatie. Ook verschillende factoren die invloed kunnen uitoefenen op het risico van besmetting met deze organismen, kunnen beïnvloed worden. Katheters, sondes en drains moeten doordacht en hygiënisch gebruikt worden. Het is tevens belangrijk voldoende analgesie te voorzien zodat het afweerverlagend effect van stress tijdens de hospitalisatie geminimaliseerd wordt. Wonden moeten in de mate van het mogelijke bedekt worden om uitwendige contaminatie te vermijden en automutilatie moet vermeden worden.